Een bijzondere ervaring: op bezoek bij de Iban-stam in Borneo
Gionne (1)

Een bijzondere ervaring: op bezoek bij de Iban-stam in Borneo

Gionne van Wijnen Algemeen 4-6-2014

Wat een bijzondere reis heb ik, Gionne van Wijnen, als landendeskundige Maleisie onlangs voor Van Verre mogen maken naar Maleisisch Borneo.

 

Na een paar dagen acclimatiseren in Kuching (de kleurrijke en gezellige hoofdstad van Sarawak - en ook de uitvalsbasis voor veel trips in Sarawak) gaan we op avontuur. We gaan de jungle in, en slapen bij een traditionele Iban-stam! De route van Kuching naar de pier in het Batang Ai duurt, inclusief stops, zo’n 5 uur. Onderweg kijken wij ons ogen al uit. Een goede weg voert ons over een mooie route door jungle, langs palmplantages (voor palmolie en kokosnoten), fruit(boom)gaarden waar ananas, guave en bananen geteeld worden, door dorpjes, langs kerkjes, langs rijen peperplanten en nog veel meer moois. Onderweg stoppen we bij een lokaal marktje in Serian. Erg leuk om te zien hoeveel onbekende fruit- en groentesoorten hier verkocht worden. Onze gids doet inkopen voor de komende dagen; middenin de jungle is namelijk geen supermarkt te vinden.

 

En dan weer door. Onderweg lunchen we bij een lokaal eettentje in Lachau. Hier kunnen we eventueel nog onze laatste inkopen doen (de lokale winkelier biedt toiletartikelen e.d. aan). Onze gids raad ons aan wat snoepjes mee te nemen voor de kinderen in de longhouse. Aangezien het weekend is zijn de kinderen namelijk thuis (doordeweeks verblijven ze op school). Na nog een kleine twee uur rijden zijn we bij de pier. Hier ligt ons transportmiddel voor de komende dagen al klaar: een traditionele longboat. Een lange, smalle wiebelboot met platte bodem waarin we logischerwijze geen koffers mee kunnen nemen. Met een tasje vol met alleen  onze benodigdheden voor de komende dagen stappen we enigszins onwennig in.

 

Voor op de punt staat de navigator en achterop de kapitein die de motor al aanzwengelt. Met een aardige snelheid varen we over het Batang Ai meer; ontstaan na de bouw van de stuwdam. Oude kale grijze bomen steken aan de kanten uit het water; net moderne kunst. Na ongeveer een uur wordt duidelijk waarom we een navigator mee hebben. De stroom wordt steeds smaller en steeds ondieper, maar onze navigator weet ons feilloos over de rivier te leiden. Rakelings scheren wij langs boomstammen en rotsblokken, tot de rivier echt te ondiep is. Het heeft de laatste dagen niet zoveel geregend, en de boot is te zwaar beladen. Dus schoenen uit, sandalen aan, en waden door de ondiepe, heerlijk koele,  snel stromende rivier.  We zijn nu echt middenin de jungle. Het is hier prachtig groen, we zien de mooiste bloemen, planten en vogels en genieten van de rust.

 

We passeren diverse dorpjes, en na twee uur varen zien wij een lang houten huis aan de over van de rivier. Dit is de longhouse van de Ulu Ai (een van de Iban-stammen die in dit gebied wonen). We worden welkom geheten door een boel kinderen de in de rivier aan het zwemmen zijn en enthousiast zwaaien. “Hello, hello!”. We zijn blij dat we het advies van onze gids hebben opgevolgd en wat lekkers hebben meegenomen voor deze enthousiaste kinderen. Aan de overzijde van de rivier hebben de Ulu Ai een gastenverblijf gebouwd in longhouse stijl (Nanga Sumpa genaamd); eenvoudig maar comfortabel.

 

Op de veranda met zicht op de rivier is het goed toeven met een kop koffie of thee. Genieten van de junglegeluiden en het prachtige uitzicht. Onze kamer is eenvoudig: een afgescheiden ruimte met op een verhoging twee matrassen met een klamboe er overheen.  Er zijn nette, gedeelde, douches en toiletten om ons op te frissen. Maar een duik in de rivier heeft hetzelfde verfrissende effect. Onze telefoons hebben geen bereik, dus we zijn echt een paar dagen afgezonderd van de hectische buitenwereld. Heerlijk!

 

 

’s Avonds voegen wij ons bij de paar andere gasten die in Nanga Sumpa overnachten, en wisselen we reisverhalen uit. Ieder reisgezelschap heeft zijn eigen gids, en gezamenlijk bereiden deze gidsen onze avondmaaltijd. Ze zetten een eenvoudig maar smakelijk Aziatisch buffetje op tafel. Het enige wat naar ons idee ontbreekt is een lekker biertje. Koffie, thee en water zijn voldoende (en zonder kosten) verkrijgbaar, maar andere dranken worden helaas niet verkocht.

 

Na het diner steken we het smalle bruggetje over en gaan we op bezoek in de longhouse. Een langwerpig huis van maar liefst 120 meter lang, met losse kamers voor 23 families, een overdekt gezamenlijk gedeelte dat over de gehele lengte van de longhouse voor de kamers langs loopt en een veranda aan de rivier. Het is erg leuk om de Ulu ail met hun dagelijkse werkzaamheden bezig te zien: handwerken, koken, vissen enzovoorts. En overal zijn kinderen aan het spelen. Fotograferen is geen probleem, vooral de kinderen vinden het erg leuk om hun eigen afbeeldingen terug te zien.

 

We worden ontvangen met zelf gebrouwen rijstwijn en gaan met zijn allen op de grond zitten. De chief (een erg oude gerimpelde man) is het stralend middelpunt. Hij spreekt geen Engels, maar geniet duidelijk van ons bezoek. Onze gids verteld uitgebreid over het leven in een longhouse; hij is zelf ook Iban en opgegroeid in eenzelfde omgeving. We worden uitgenodigd in de woning van de schoonzoon van de chief om te bekijken hoe men daar leeft. Het lijkt een stap terug in de tijd qua inrichting, maar de moderne tijd is hier ook doorgedrongen: op tafel staat een laptop! We krijgen een demonstratie blaaspijp schieten. Met dit onhandig lange instrument werd in vroegere tijden gejaagd. Natuurlijk is er ook een commerciële inslag: de gezinnen verkopen hun handwerk (manden, matten, kettingen enz.) tegen vrij hoge prijzen. Zoals het goede gasten betaamd gaan wij natuurlijk met een leuk armbandje naar huis. 

 

 

Als om 22:00 de generator uitgaat en er, behalve de paar olielampen, geen verlichting meer is dringt het pas echt goed door dat we middenin de jungle zijn. ’s Avonds komt de jungle tot leven. We vallen is slaap bij het gekwaak van kikkers, het getjirp van krekels  en het gezoem van de vele andere insecten die zich gelukkig buiten onze kamer bevinden. Om 04:00  vindt de eerste haan dat het ochtend is, en niet veel later volgen zijn vrienden in een wedstrijd wie het hardste kan kraaien. Om 06:00 zitten wij dan ook met onze kop koffie op de veranda. Onze gids is al bezig met ons ontbijt, en hij tovert samen met de andere gidsen een heerlijk buffetje voor ons en de paar andere gasten op tafel: gefrituurde banaan, roerei, toast, jam en verse ananas Een goede basis voor een actieve dag.

 

Vandaag gaan we wandelen door de jungle in de richting van de Ensulai waterval. We wandelen (met wandelstok voor ondersteuning) over smalle paadjes en klimmen en klauteren over boomwortels en rotsblokken. Wat voelen ons nietig omringd door al deze uitbundige natuur. Onze gids verteld onderweg veel over de flora en fauna die we tegenkomen. We zien nesten van Orang Utans, maar helaas komen wij deze bijzondere dieren zelf niet tegen. We zien veel mooi gekleurde vogels, eekhoorns en bijzondere insecten. Halverwege worden we door onze longboat opgepikt (het in- en uitstappen gaat ondertussen al veel beter) en maken we een detour naar de Kasai Jungle Logde.

 

Helaas kunnen we hier niet helemaal naar toe varen omdat de rivier te laag staat om ons tegen de stoom in te vervoeren. Na een stukje varen moeten we dus weer te voet verder en volgen we de rivier naar de lodge. Vooraf zijn wij gewaarschuwd dat er rond Kasai veel bloedzuigers voorkomen, maar wij komen er welgeteld één tegen (en dan ook nog een kleintje). Het valt gelukkig erg mee. Onze bloedzuigersokken blijven dan ook ingepakt in onze rugzakken. Kasai Jungle logde is de nog eenvoudigere versie van Nanga Sumpa. Er zijn drie ruimtes waar maximaal 8 personen in kunnen overnachten. Ook hier weer matrasjes met lakens en muskietennetten beschikbaar. Buiten de lodge zijn gedeelde douches en toiletten, en er is een keukengebouw met picknicktafels voor het diner. Als het water hoog staat is het mogelijk Kasai Jungle Lodge binnen 30 minuten varen te bereiken.  

 

Bij de lodge wacht onze longboat op ons; stroomafwaarts lukt het wel om een stuk terug te varen en dan weer tegen de stroom in naar de Ensulai waterval. Hier komen we ook de andere gasten van de Nanga Sumpa Logde tegen. Na een paar uur hiken in de klamme warmte is een duik in het heldere water een zeer welkome afkoeling. Bij de waterval zwemmen ook visjes, die erg blij zijn met onze komst. We krijgen een gratis Dokter Fish behandeling! Terwijl wij zwemmen zijn de gidsen alweer bezig met de lunch. Ze stoken een vuurtje op en grillen in de buitenlucht ons vlees.

 

In bamboeschuiten wordt kleverige rijst gekookt en men heeft lokale varens als groente bereid. Het is echt idyllisch om te picknicken bij de rivier omringt door jungle. Wij voelen ons verwend! Na de lunch is het helaas alweer tijd om afscheid te nemen. We varen terug naar Nanga Sumpa om onze bagage op te halen en dan door naar het Batang Ai meer waar we nog een nachtje in het Hilton Batang Ai slapen in een kamer met elektriciteit en airconditioning. Na ons onvergetelijke verblijf in Nanga Sumpa zijn we stiekem toch wel blij met deze westerse luxe! 

 

Tip: bekijk de bouwsteen naar de Iban-stam in Borneo (Sarawak).