Afwisselende vakantie op Java, Bali en Lombok
logo-linkedin

Afwisselende vakantie op Java, Bali en Lombok

Redactie Indonesie 16-10-2012

Maandag 16 juli

Na een eindeloos lijkende dag vertrokken we tegen zessen per treintaxi naar Schiphol. Precies op tijd vertrok het vliegtuig om 20.55 uur naar Jakarta.

 

Dinsdag 17 juli

Na een tussenstop in Kuala Lumpur kwamen we keurig op tijd om circa 17.15 uur aan op het vliegveld van Jakarta. Daarna een heel gedoe om de visa te regelen. Eerst een lange rij om de betaling te regelen, daarna een nog veel langere rij om de benodigde stempels te verkrijgen. Al met al kwamen we pas omstreeks 18.30 uur met koffers en al bij de uitgang. Daar stond Larissa ons al zwaaiend op te wachten. Mooi moment om haar weer na bijna vier maanden te kunnen omhelzen.  Vervolgens diende zich een nieuw probleem aan: waar is onze chauffeur?  Veel personen met naambordjes maar geen van allen met het naambordje “Party Haan”. Zoeken, zoeken ,vragen, vragen, laten bellen, en uiteindelijk liepen we hem (Asep) tegen het lijf.  Door het drukke Jakarta bereikten we om ongeveer 20.00 uur het (zeer luxe) Santika Premier Hotel. Even later ontmoetten we daar Aldi die ons meenam naar een restaurant in de buurt. Jammer dat de lifemuziek zo hard was, want we konden elkaar moeilijk verstaan.  Omstreeks 10 uur zette hij ons weer af in het hotel en namen we afscheid. Daarna snel naar de kamers en naar bed. Einde van een lange vermoeiende reis.

 

Woensdag 18 juli

Om 8.00 uur zaten we alweer aan het ontbijt want we hadden om 9.00 uur afgesproken met Asep. In ons luxe busje werden we naar het oude centrum (Fatahilliah quare) gereden. Koffie gedronken in het historische Café Batavia. Aan de overzijde van het plein staat het historische stadhuis van waaruit de Verenigde Oost-Indische Compagnie regeerde over de kolonie. Daarna doorgereden naar de oude haven Sunda Kelapa. Langs de oude schepen gewandeld. Enkele schepen werden handmatig geladen door sjouwers. 

In het begin van de middag doorgereden naar Bogor, waar we omstreeks half 4 aankwamen in het Happy Valley hotel. Dit eenvoudige hotel deed zijn naam eer aan: een prachtig uitzicht over de vallei met een snel stromende rivier voorlangs de veranda, rijstvelden, palmbomen, bananenbomen etc. We waren blij dat we ons in de loop van de middag hadden laten afzetten, zodat we nog konden genieten van dit prachtige tafereel. ’s Avonds in het hotel gegeten.

 

Donderdag 19 juli

Om 7.30 uur stonden we alweer paraat om een bezoek te brengen aan de botanische tuinen van Bogor. Daar kwamen we om een uur of acht aan. Een gids leidde ons het eerste uur rond. Hij vertelde ons over de historie van het park, de benaming en herkomst van allerlei bomen en struiken, de geuren en geneeskrachtige werking van bepaalde vruchten, etc. Prachtig uitzicht op het paleis Buitenzorg, maar dat konden we helaas niet bezoeken. Wordt gebruikt voor officiële gelegenheden. De volgende anderhalf uur zonder gids door een ander deel van het park gelopen. Opvallend veel scholieren die bezig waren met teambuilding activiteiten. Daarna vertrokken we omstreeks 11 uur naar Bandung. De route liep via de Puncak.  Een afstand van circa 120 km die onder Indonesische omstandigheden ongeveer 6 uur in beslag neemt. Erg drukke route met veel auto- en scooterverkeer.  Vooral in de dorpen en over de steile hellingen van de Puncak gaat het verkeer stapvoets. Scooterrijders wurmen zich voor, links, rechts, kortom overal tussendoor.  Het stapvoets rijden bood ons volop gelegenheid om om ons heen te kijken naar alle bedrijvigheid langs de weg. Ook konden we volop genieten van de prachtige uitzichten en de theeplantages op de hellingen, vooral op de Puncak. Uiteindelijk bereikten we aan het eind van de middag Bandung. Daar werden we ‘warm’ onthaald met een gigantische stortbui.  ’t Was al donker aan het worden (omstreeks 6 uur) toen we bij het Sukajadi hotel aankwamen. ’s Avonds in een restaurant tegenover het hotel gegeten. 

 

Vrijdag 20 juli

Om 7.00 uur werden we alweer door onze trouwe chauffeur Asep afgehaald voor een bezoek aan de krater van de vulkaan Tangkuban Perahu. Daar aangekomen waren we één van de eersten en werden we gelijk belaagd door souvenirverkopers. Vooral een Nederlands sprekende Foster Parent kind van Boskoopse ‘ouders’ bleef ons lang achtervolgen, maar toen hij eindelijk doorkreeg dat wij niet geïnteresseerd waren in zijn bewerkte stenen, taaide hij ook af. Nog een eindje gelopen op de kraterrand met diep beneden ons  de rook die uit de krater opsteeg. Allerlei kraampjes op de kraterrand. Larissa heeft nog een angklung gekocht. Toen we terugkwamen bij ons busje stond het parkeerterrein inmiddels helemaal vol met auto’s en busjes.

 

Vervolgens gingen  we naar de heetwaterbronnen in Ciater. Onderweg nog een bezoek gebracht aan een theefabriek. Helaas was er geen bedrijvigheid maar kregen we wel een rondleiding van een slecht Engels sprekende gids. Het boek ‘Heren van de thee’ van Hella Haasse kwam helemaal tot leven bij het zien van de machines en de theeplantages rondom de fabriek. Aan het eind van de rondleiding werden we onthaald met een, hoe kan het anders, bakkie thee. Ook kregen we nog een pakket met diverse soorten thee mee. Toen naar de heetwaterbronnen. Aldaar in het gloeiend hete water  gezwommen (alleen Larissa en Wiebe) en rijkelijk geluncht.  

’s Middags om ongeveer drie uur een bezoek gebracht aan een Angklungschooltje. Daar een voorstelling bijgewoond met zang en dans. Vooral de grote schare kleurrijk geklede kinderen stalen de show. Hoogtepunt van de voorstelling was het samen bespelen van de angklung door het publiek. Iedereen kreeg een angklung in zijn handen gedouwd en het nummer op de angklung bepaalde wanneer je het instrument in beweging moest brengen. Dankzij de goede ‘dirigent’ presteerden we het als publiek om herkenbare liederen te produceren.  Daarna gingen we weer terug naar het hotel. Bij het hotel aangekomen namen we afscheid van Asep. 

 

Zaterdag 21 juli

Na een korte en voor Larissa en Wiebe beroerde nacht, stonden we om half zes  ’s ochtends paraat voor de treinreis naar Yogyakarta. Vertrektijd trein om 7 uur. Maar geen chauffeur te bekennen. Een lift met een busje vol met Spanjaarden, die ook naar het station moesten, werd niet toegestaan. Via een reisleidster van dezelfde reisorganisatie werd ons toegezegd dat er een busje zou komen. Tot twee keer toe werden we via het hotel gebeld dat het busje er over tien minuten zou zijn. Uiteindelijk verscheen hij om tien voor half zeven. Achteraf gezien was het onzin om zo vroeg te vertrekken, want we kwamen ondanks alle perikelen nog ruim een kwartier voor vertrektijd aan. Asep was waarschijnlijk in de bonen geweest.

 

Klokslag 7 uur vertrok de trein. We zaten in de luxe Eksekutiv klasse met ruime zitplaatsen en air conditioning. Wiebe moest zich onderweg gedeisd houden om de maaginhoud niet naar buiten te laten komen.  Herinneringen aan 22 jaar geleden kwamen boven toen Wiebe ook al hondsberoerd dezelfde treinreis moest doorstaan. Het enige verschil was dat we toen in minder luxe omstandigheden de reis hebben volbracht. Het fraaie voorbijtrekkende landschap bood echter volop afleiding. Prachtige sawa’s langs de heuvels en vulkanen op de achtergrond. Om 2 uur ’s middags kwamen we aan in Yogyakarta. 

Op het station wachtte Tatang ons op. Hij bracht ons naar het Puri Asri hotel in Magelang , ongeveer anderhalf uur rijden.  Onderweg waren nog enkele verwoestingen te zien die de vulkaan Merapi bij de laatste uitbarsting in 2010 had veroorzaakt. Het hotel bood alle luxe en een prachtig uitzicht over de rivier. ´s Avonds geen behoefte meer aan een warme maaltijd. Alleen Sandra en Kyra hebben via de roomservice nog een warme hap genuttigd. Wiebe en Larissa waren toen al lang in diepe slaap.

 

Zondag 22 juli

Om zes uur waren we present voor het ontbijt, want we hadden om zeven uur afgesproken met Tatang. We wilden namelijk vroeg aankomen bij de wereldberoemde Boeddhistische  tempel Borobudur en het was nog een half uurtje rijden vanaf het hotel. Daar aangekomen was het nog rustig, maar desondanks (of misschien wel daardoor) werden we gelijk weer belaagd door een horde souvenirverkopers. Een gids leidde ons naar de hoogste verdieping van de tempel en vertelde ons over de bouw, het verval en restauratie van de tempel, en de historische verhalen die de vele inscripties uitbeeldden. Erg indrukwekkend wat de mensen in de 8e eeuw hebben gepresteerd maar evenzo indrukwekkend is de restauratie in het begin van de 20e eeuw toen de volledig vervallen en deels geplunderde tempel weer is hersteld tot wat die nu is. Bij het bezoek aan de tempel in 1990 heeft Sandra een wens gedaan door het aanraken van de boeddha in de ´geluksstupa´. Die wens is uitgekomen:  negen maanden later kwam Larissa. Aanraken van de boeddha mag niet meer, maar bij dezelfde stupa hebben we wel een foto  van ons laten maken. Niet alleen daar overigens, want onze gids was erg op dreef. Hij wist ons precies de juiste plekken aan te wijzen voor de mooiste shots en was zelf ook een kundig fotograaf. Vervolgens nog het Borobudur museum bezocht.

Na de Borobudur richting de volgende grote tempel, de Trambanan, een Hindoeïstische tempel, die ongeveer een eeuw na de Borobudur is gebouwd.

 

Onderweg nog een ‘zilverfabriek’ bezocht, zegmaar een  werkplaats waarin het ruwe zilver en koper wordt gesmolten tot bewerkbaar zilver en de sieraden handmatig worden gemaakt. Indrukwekkend hoe ze de fijne sieraden maken uit lange zilverdraden en –platen. De aanpalende winkel bood voor de dames dezelfde associatie als kinderen in een speelgoedwinkel. De schade bleef beperkt tot een kettinkje en een broche. Snel door naar de Prambanan. Onderweg prachtige rijstvelden en hier en daar werd er volop gewerkt op de velden. Vrijwel allemaal handwerk. Opvallend is dat elke vierkante meter grond wordt benut voor de voedselproductie. Rijstvelden en ander voedingsgewassen tot aan de huizen. Het ‘erf’ is de beperkte ruimte tussen het huis en de weg. De geoogste rijst lag vaak in de berm, of deels op de weg, te drogen.

 

Bij de Prambanan hebben we ons weer laten rondleiden door een gids. Ook hij vertelde ons van de verhalen achter de tempel en de betekenis van de afbeeldingen op en in de bouwwerken.  De gids hield zich aan een strak protocol en was niet behept met fotogenieke gaven zoals de vorige gids. Na een bezoek aan het bijbehorende museum, een film en een lunch, zochten we Tatang weer op. Vervolgens zetten we koers richting hotel, waarbij we onderweg nog een ‘Batikfabriek’ hebben bezocht. Hier betrof  het een werkplaats waarin de batikdoeken handmatig worden bewerkt met motieven in was en in kleurbaden worden geverfd. In de winkel hebben we twee kussenhoezen en een sjaaltje gekocht. Vervolgens werden we bij het Puri Artha hotel, in het centrum van Yogyakarta, afgezet. ’s Avonds getracht om in de buurt een betrouwbaar restaurant te vinden, maar uiteindelijk  (veiligheidshalve) toch maar in het hotel gegeten. In de loop van de nacht begonnen de darmen van Sandra te protesteren.

 

Maandag 23 juli  

We hadden onszelf een uur extra gegeven en pas om 8 uur gingen we op weg naar Salatiga, de plaats waar Larissa de voorgaande 15 weken stage had gelopen. Na 2½ uur via bochtige en hobbelige wegen, voor Sandra een lijdensweg, voor de fans van mooie bergen een prachtig schouwspel, bereikten we Salatiga. Daar brachten we eerst een bezoek aan de fabriek van Kievit, een dochteronderneming van Friesland Campina. Leuk was het om kennis te maken met de collega’s met wie Larissa de voorgaande weken had gewerkt, maar ook tripjes had gemaakt. Na enkele groepsfoto’s, vele handen schudden en vele omhelzingen, kwam voor Larissa het definitieve afscheid. Vervolgens gegeten in een restaurant tussen de rijstvelden. Na het eten brachten we een bezoek aan het nabijgelegen boarding house waar Larissa al die tijd had verbleven. Tijdens het skypen met Larissa hadden we ons er een voorstelling van proberen te maken, maar nu zagen we het met onze eigen ogen. Alleen Sandra voelde zich te misselijk om naar boven te lopen. Inmiddels was het zo’n half drie geworden en wachtte ons de terugtocht langs dezelfde route. Eén keer moesten we een noodstop maken om Sandra de gelegenheid te geven om de maaginhoud in een plastic zak te deponeren. Gedurende de rit wist Sandra de boel ternauwernood binnen te houden. Onderweg in Magelang een pakketje kleren en de angklung van Larissa afgeleverd op het postkantoor voor verzending naar Gouda. Vanwege de zware lunch en de maagperikelen van Sandra, hadden we ’s avonds geen behoefte meer aan een diner.

’s Avonds een traditionele Javaanse dansvoorstelling met begeleiding van gamelanmuziek bijgewoond. Sandra voelde zich niet lekker en liet verstek gaan. Dan moet het wel erg zijn wil zij een dansvoorstelling laten schieten. Na de voorstelling werden we weer keurig afgeleverd bij het hotel en door de security, annex verkeersbrigadiers, veilig over de weg geloodst richting onze kamers.

 

 

Dinsdag 24 juli 

De nachtrust had Sandra goed gedaan. Om half zeven werden we door Tatang naar het vliegveld gebracht voor de vlucht naar Lombok. Dat ging in twee etappes. Om kwart voor negen vertrokken we naar Surabaya. In Surabaya moesten we overstappen voor de vlucht naar Mataram, de hoofdstad van Lombok. Om circa twee uur, inclusief een uur extra vanwege het tijdsverschil, kwamen we daar aan. Bleek echter niet Mataram te zijn, maar een nieuw vliegveld in Pujut dat in november 2011 was geopend en ongeveer een half uur rijden van Mataram ligt. Daar werden we opgehaald door gids Among en een chauffeur en naar het Puri Saron hotel in Senggigi gebracht. Een mooi ingericht hotel met ruime kamers , een prachtig zwembad (met een bar in het zwembad) en gelegen aan het strand. Een prima locatie om bij te komen van de intensieve dagen op Java. Terwijl Sandra in een diepe slaap was gedompeld, gingen Larissa, Kyra en Wiebe een wandeling langs het strand maken.  Door de shuttle service van het hotel  hebben we ons ’s avonds laten afzetten bij een restaurant in het centrum van Senggigi. Het eten was niet zo bijzonder, niet voor herhaling vatbaar dus. Het restaurant zorgde voor de terugreis naar het hotel.

 

Woensdag 25 juli

 Eindelijk de welverdiende rustdag. Pas om negen uur aan het ontbijt. Na het ontbijt hebben we ons door de shuttle service laten afzetten in het centrum van Senggigi en daar wat rondgewandeld, -gekeken en een supermarktje bezocht. Met een plaatselijk busje werden we weer bij het hotel afgeleverd. De rest van de middag hebben we geluierd en gelezen aan het zwembad. ’s Avonds in het hotel gegeten met uitzicht op het zwembad.

 

Donderdag 26 juli

Om half acht werden we door Among en een andere chauffeur opgehaald voor een snorkeltrip naar het eiland Gili Nanggu. Een traditionele houten boot, met drijvers aan boogvormige armen  aan weerszijden, lag al klaar bij Lembar voor de overtocht naar Nanggu. Een tocht van ongeveer een half uur. Grappig gezicht die bootjes. Door die boogvormige armen lijken het op afstand net krabben die over het water scheren. Het eiland Gili Nanggu is een prachtvoorbeeld van een bounty eiland: een klein rustig eiland met een prachtig wit strand en (palm)bomen. Het eiland staat bekend als honeymoon eiland voor pasgetrouwde stellen. Wie weet iets voor Larissa of Kyra later?  In hutten op palen kan worden overnacht. Na het aanschaffen van de snorkeluitrusting en enkele nuttige snorkeltips van Wiebe, gingen we te water. De koralen langs de kust en de diverse soorten kleurrijke vissen in allerlei soorten en maten boden een prachtig schouwspel. Zelfs Sandra genoot nadat ze eindelijk doorhad dat je via het pijpje kon ademhalen. Een ieder had een plastic flesje met verkruimelde biscuits meegekregen van Among. Nou daar wisten de vissen wel raad mee, want zodra je begon te voederen werd je heel snel omringd door een grote schare vissen van klein tot groot en in alle kleuren van de regenboog. Zodra het flesje leeg was, was je geen belangrijk object meer. Desalniettemin bleef er veel te zien. Zelfs enkele Nemo visjes werden gesignaleerd. Na de lunch op het eiland hebben we nog één keer gesnorkeld en om ongeveer half vier gingen we weer met de boot terug. Aan wal stond het busje op ons te wachten.

Onderweg hebben we nog een stop gemaakt bij een groepje mensen in een rijstveld, die bezig waren met het dorsen van de rijst. Dit tafereel hadden we al eerder gezien vanuit het busje, maar daarbij gebeurde het dorsen volledig handmatig. Deze mensen hadden de beschikking over een eenvoudig dorsmachientje, zeer modern in hun ogen. In het hotel hadden we de gelegenheid om het zout van ons lichaam af te spoelen. Alleen Sandra en Wiebe hebben daarna nog gedineerd in het hotel. Larissa en Kyra hadden de buik nog vol (letterlijk) van de lunch op Gili Nanggu. 

 

Vrijdag 27 juli

Weer een luierdag. Zelfde ritueel als woensdag. Negen uur aan het ontbijt en om elf uur weer met de shuttle naar het centrum. Naast rondwandelen ook nog wat gedronken in een restaurant. Vervolgens met de taxi terug naar het hotel. Sandra en Kyra hadden grote behoefte om lekker te luieren aan het zwembad , terwijl Wiebe en Larissa een lange wandeling langs het strand hebben ondernomen. ’t Was maar goed dat Sandra er niet bij was, want af en toe moest er flink steil geklommen worden, omdat de doorgang  lang het strand geblokkeerd werd door een rotspartij. Onderweg heeft Wiebe nog een sarong gekocht. Na een afstand van naar schatting zeven km hebben we een taxi aangehouden en ons weer terug laten brengen naar het hotel. De laatste twee uurtjes van de middag ook luierend en lezend aan het zwembad doorgebracht. Om half zeven zouden we worden opgehaald door het restaurant waar we ’s ochtends koffie hadden gedronken. Nadat we de moed bijna hadden opgegeven verscheen de auto alsnog om tien voor zeven. We hebben prima gegeten al moeten ze toch wat meer aandacht besteden aan het tegelijkertijd bedienen van mensen aan één tafel. Sandra moest nog beginnen toen de anderen al klaar waren. Het restaurant bracht ons ook weer keurig terug naar het hotel. Om tien uur gingen we slapen, want het zou een korte nacht worden.

 

Zaterdag 28 juli  

Om kwart over vier (!) liep de wekker af want om vijf uur werden we door Adam opgehaald voor een tocht naar de vismarkt in de vissershaven Tuang Luar, aan de andere zijde (= oostzijde) van het eiland. Wiebe werd door zijn drie vrouwen van harte gefeliciteerd met zijn verjaardag. Tijdens de autorit waren we getuige van de prachtige zonsopkomst. Om ongeveer half zeven kwamen we aan in Tanjung Luar: één grote mensenmassa en geschreeuw van viswijven. Diverse soorten vis van klein tot heel groot werden (in manden) verhandeld, maar er werden ook groenten verkocht. Jammer dat het zaterdag en Ramadan was, want er werd geen verse vis aangevoerd vanuit zee.  Niettemin was het een fascinerende belevenis. Ook het ambachtelijk fileren, pekelen en koken van vis was indrukwekkend.

 

Na de vismarkt een bezoek gebracht aan Kuta beach (op Lombok wel te verstaan). Dit is nu nog een onbedorven badplaatsje met traditionele hutten langs het strand maar dat zal door de komst van het nieuwe, op slechts een kwartier rijden gelegen, vliegveld niet lang meer duren totdat het plaatsje is volgebouwd met hotels en restaurants. Het prachtige witte strand en het heldere water bieden daarvoor het ideale decor. In een restaurant aan het strand een heerlijke ice cappuccino en banana juice genuttigd. Er zijn niet veel mensen die hun 55e verjaardag kunnen beleven op zo’n idyllische locatie.

 

Op Java en Lombok hebben we op heel veel verschillende plekken rijst te drogen gezien. Vaak op een plastic zeil vlak langs de weg. Bij Kuta was de droogplaats wel heel opmerkelijk: de rijst lag verspreid op plastic op de weg. Gelukkig was de weg twee keer tweebaans en erg rustig zodat we ruimschoots konden passeren. Onderweg ook uitgestrekte tabaksvelden gezien.

Vervolgens op de terugweg een bezoek gebracht aan het traditionele dorpje Rembitan. Daar werden we rondgeleid door een plaatselijke bewoner. Hij vertelde ons over hun wijze van leven en liet de traditionele woningen zien. Vrouwen waren bezig met het weven van fraaie doeken. Larissa mocht ook nog de plaats van één van de vrouwen overnemen en haar werd de beginselen van het weven bijgebracht.

 

Bij een volgend dorp, Sukarara, werden we eveneens rondgeleid door een plaatselijke bewoner. Dit dorp stond vooral bekend om z’n weefkunst. De vrouwen moeten deze kunst beheersen, anders mogen ze niet trouwen. Wat is er misgegaan met de Sandra-generatie, die niet eens een sok kan stoppen? Na de rondleiding door het traditionele dorp werden we omkleed met zelf gefabriceerde sarongs en op de foto gezet. Hier hebben we nog een kleed voor de Indische rijsttafel gekocht.

 

De volgende stop was bij het waterpaleis Mayura, een complex met Hindoeïstiche tempels bij Mantara. Een gids vertelde ons over de achtergronden en betekenis van de tempels. Als laatste een bezoek gebracht aan een traditionele markt waar ook weer kakofonie aan geluiden te horen was. Groenten, vlees (met veel vliegen), vis, zoetigheden, alles werd er verkocht. De verleiding was te groot om de zoetwaren te kunnen laten staan. Na een lange en enerverende dag werden we omstreeks half drie weer bij ons hotel afgezet.

 

Zondag 29 juli

Wederom een dagje rustig aan. In alle rust ontbeten, á la carte zelfs in plaats van een buffet. Dat deden ze vanwege het geringe aantal gasten. Naast onze kamers waren er nog twee bezet, terwijl het hotel naar schatting 20 kamers heeft. Is hier ook de crisis toegeslagen? Ook in die zin was het dus rustig. Een groot deel van de dag lezend aan het zwembad en Facebookend in de lobby (de dames) doorgebracht. Sandra en Larissa hebben zich nog uitgebreid laten masseren. ’s Avonds heerlijk gegeten in een wat luxer restaurant, waar het eten wel tegelijkertijd voor ons allen werd geserveerd. Het kan dus wel! 

 

Maandag 30 juli

Om half tien werden we opgehaald door Among en chauffeur die ons naar Bangsal brachten voor de overtocht naar Bali met een snelle catamaran, de Gillicat. Daar aangekomen bleek dat de Gillicat kampte met motorproblemen en niet zou varen. Via een, in onze ogen, onnodig ingewikkelde organisatie werden we eerst met een snelle boot over een afstand van nog geen 200 m bij een andere boot afgeleverd. Dat bleek de vervanger voor de Gillicat te zijn. Met vier zware motoren op het achterdek hadden we niet het gevoel dat deze boot qua snelheid zou onderdoen voor de Gillicat. Dat bleek ook wel want we vertrokken om half twaalf en we meerden om één uur aan in Padangbai op Bali. Een overtocht van 1½ uur, terwijl de Gillicat er ongeveer twee uur over zou doen. De overtocht was wel heftig en we werden danig heen en weer geschud, maar het heeft geen gevulde kotszakken opgeleverd.

In Padangbai stond alweer een busje te wachten waarmee meerdere mensen naar verschillende hotels in Ubud, onze bestemming, werden vervoerd. Om omstreeks half drie kwamen we op ons hotel The Sunti aan. In en in de buurt van Ubud kwamen we langs heel veel winkels en werkplaatsen met kunstwerken, houtsnijwerken, steenhouwerijen, kleding, etc. Nadat we enigszins opgefrist waren zijn we richting centrum gelopen. Dat lopen word je wel erg moeilijk gemaakt, want om de haverklap word je gevraagd of je een taxi wilt. Toch is het gelukt om de oudere dame in ons gezelschap daarvan te weerhouden. In het centrum een drankje genuttigd en daarna weer teruggewandeld naar het hotel.

’s Avonds een traditionele Balinese voorstelling bijgewoond, dit keer wel voltallig. Daarna gegeten in een restaurant van een Nederlandse eigenaar, waar ze zelfs bitterballen en Heineken verkochten. Daartoe hebben wij ons niet laten verleiden. Het enige restaurant voor zover bekend met een vijvertje in het midden waar alleen een blinde haan het presteert om daarin te kukelen. Larissa had deze ontmoetingsplaats afgesproken met Ellen, een studievriendin van haar. In de loop van de avond kwam zij langs en heeft ze nog een biertje met ons gedronken. Aan het eind van de avond hebben we ons door een privétaxi laten afzetten bij het hotel.

 

 Dinsdag 31 juli

Om half acht werden we door een busje afgehaald voor een fietstour door de sawah’s van Bali. Naast ons werden nog een Hongaars honeymoonstel, een Maleis stel, een Duits stel en een Nederlands pottenstel, kortom een zeer gevarieerd gezelschap, opgepikt. De gids Ring wist ons zeer te vermaken met zijn aanstekelijke grapjes. De tocht ging eerst naar Penelokan waar we konden genieten van het uitzicht over het Baturmeer en de Gunung Batur. Helaas bleef de hoogste vulkaan van Bali, de Gunung Agung, verborgen achter laaghangende bewolking. Wel duidelijk te zien was de lavastroom op de Gunung Batur, afkomstig van de laatste uitbarsting van 1994. Genietend van het prachtige uitzicht hebben we ons ontbijt genuttigd.

 

Daarna voerde de tocht, nog steeds met het busje, ons naar een planetarium waar we werden onthaald met verschillende soorten inlandse koffie en thee. Toen kwamen we eindelijk op de plek aan waar we per mountainbike verder gingen. Na de fietsen aangemeten en de helmen opgezet te hebben, gingen we van start. Natuurlijk de zeldzame aanblik van drie gehelmde dames op een mountainbike vereeuwigd op de foto. Het fietsen zelf stelde niet zoveel voor,  het had meer weg van remmen, want de tocht ging voornamelijk bergafwaarts.  Onderweg enkele stops gemaakt, waaronder een wandeling door een traditioneel dorpje waar we getuige waren van de wijze waarop een Balinese familie woont en werkt. Door de sawahs gelopen en vrouwen geholpen met het handmatig dorsen van de rijst. Onderweg werden we voortdurend begroet met high fives door kinderen. Waren we op Lombok nog verbaasd over het drogen van rijst op de weg, hier kwamen we dit gebruik op heel veel plaatsen tegen, ook op smalle wegen. De laatste acht km ging grotendeels bergopwaarts. Dit deel van de 25 km lange tocht was optioneel, voor Sandra en Kyra reden om te kiezen voor vervoer per busje. Acht van de twaalf diehards gingen de confrontatie aan.          

 Om ongeveer twee uur kwamen we aan op het eindpunt waar we een heerlijke Indonesische maaltijd hebben genuttigd. Daarna gingen we weer per busje terug naar Ubud, waar we werden afgezet bij Monkey Forest. In het park rondgewandeld en genoten van de vele, brutale aapjes die hier onder vrijwel natuurlijke omstandigheden leven. Lopend op de terugweg naar het hotel hebben we nog vier cicaks gekocht als decoratie in de hal. Er is weer werk aan de winkel voor Wiebe bij terugkomst in Gouda. 

De lunch was zo laat en overdadig dat we ’s avonds geen behoefte meer hadden aan een diner. Alle gelegenheid om dit verslag bij te werken en te kijken naar de uitzendingen van de Olympische spelen (die op 27 juli waren begonnen).  

 

Woensdag 1 augustus

Larissa en Wiebe waren om acht uur aan het ontbijt, terwijl Sandra en Kyra hadden besloten om het vandaag rustig aan te doen. Om negen uur hadden L+W afgesproken met Geertje (met wie Larissa stage had gelopen in Salatiga) en Amanda (vriendin van Geertje) in het centrum van Ubud om een lange wandeling te maken, onder andere dwars door de rijstvelden. Een route uit de Lonely Planet gids. Het werd een lange wandeling maar dankzij ´gids´ Larissa niet volgens de route, waardoor we het gedeelte dwars door de rijstvelden en langs de rivier Ayung misten. Desondanks was het een mooie tocht langs dorpjes, ateliers en rijstvelden, waarbij we een aantal kilometers werden vergezeld door een hond. Uiteindelijk werd zijn aandacht getroffen door een aantal loslopende kippen en verloren we hem uit het oog. In het centrum van Ubud namen we afscheid van G+M en liepen we via het postkantoor om een aantal kaarten te versturen. Omstreeks één uur weer terug in het hotel. De lekkere broodjes die we hadden meegenomen vielen goed in de smaak. S+K hadden echter ook al brood gekocht, zodat we ruim voorzien waren. De rest van de middag in het hotel/aan het zwembad gebivakkeerd, Larissa naar G+M en ’s avonds heerlijk Balinees gegeten met z’n vieren.       

 

Donderdag 2 augustus

Om negen uur stonden we gereed voor vertrek naar Lovina. En de chauffeur ook. Onderweg een kort bezoek gebracht aan de Batuan tempel. Alleen L+W (in sarong), want S+K vonden het niet de moeite waard. Onderweg ook een paar vrouwen gefotografeerd op weg naar de tempel met op hun hoofd een hoge stapel fruit als offer.

Het bezoek aan de Pura Tirtha Empul was een bijzondere belevenis. Vele Balinezen brengen hier offers en reinigen zich daarna in één van de baden dat met geneeskrachtig verondersteld bronwater wordt gevuld. Ook enkele toeristen deden mee aan dit ritueel. De rituelen bij de tempel waren ook indrukwekkend.

Wederom Penelokan boven het Danu Batur (Baturmeer) bezocht, want dat lag op de route. Het uitzicht was nu beter dan op dinsdag, maar het viel toch nog tegen. De Gunung Ayung was nog steeds niet te zien. Wiebe heeft er een Bali T-shirt gekocht. Door het intensieve afdingen had hij het Bali Reisboek laten liggen. De verkoopster was wel oplettend en bracht het weer in ‘veilige’ handen van de ‘reisleider’. Iets verderop een drankje genuttigd met uitzicht over de Agung en Danu Batur.

Vervolgens hebben we een bezoek gebracht aan de op één na grootste tempel van Bali, de Pura Ulun Danur Batur. Daar wisten ze het geld goed van de toeristen los te troggelen: na de entree werd er ook nog een even hoog bedrag gevraagd voor het huren van de sarong. Maar de relatief hoge prijs was het bezoek meer dan waard. We waren getuige van allerlei kleurrijke rituelen. Terug op de parkeerplaats waren we getuige van het ritueel inwijden van een nieuwe auto. Zoiets neemt wel een uur in beslag.

Inmiddels was het twee uur geworden, de hoogste tijd om maar eens door te stomen naar Lovina. Om ongeveer vier uur kwamen we aan bij het hotel Aditya in Lovina. Een prachtig hotel met uitzicht op zee. Via het strand richting centrum van Lovina gelopen. S+K hebben daar een sarong gekocht. Nu waren we allemaal in het bezit van een sarong, zodat er geen sarongs meer gehuurd hoeven te worden voor een bezoek aan een tempel. Aan het begin van de avond gegeten in een restaurant met uitzicht op zee.       

 

Vrijdag 3 augustus

Vroeg opgestaan want om zes uur vertrokken we per boot vanaf het hotel richting open zee op zoek naar  dolfijnen. Met z'n vieren in een bootje. We waren niet de enige. Tientallen bootjes, met de karakteristieke drijvers aan weerszijden, voeren uit met hetzelfde doel. Big business. Na enige kilometers varen hoefden we niet lang te wachten, want al gauw kwamen de eerste dolfijnen in zicht. En alle bootjes erop af. Arme dolfijnen, ze werden helemaal opgejaagd. Niettemin was het een fraai spektakel. We hebben vele foto's gemaakt, maar merendeels net te laat zodat er alleen opspattend water zichtbaar was. Totdat een tweetal dolfijnen vlakbij onze boot opdook en Wiebe op het juiste moment klikte. De big shot was gemaakt. Zo vlot ze kwamen, zo abrupt waren ze ook weer verdwenen. Omstreeks acht uur werden we met een voldaan gevoel weer bij het hotel afgezet.

Na het ontbijt en rustig relaxen op de ligbanken langs het strand werden we om elf uur opgehaald voor een bezoek aan de tempel Brahma Arama Vihara. Trots sloegen we aldaar onze eigen  sarongs om. We spaarden echter geen kosten uit omdat hier geen huur werd gevraagd voor het gebruik van een sarong. Indrukwekkende bouwwerken en vele offerplaatsen. En op de top de stupa's en de boeddha, zoals op de Borobudur, maar dan in het klein.

Daarna hebben we een bezoek gebracht aan de nabijgelegen Air Panas hot springs. Daar hebben we gezwommen/gebaad in het warme bronwater. Het water stroomde uit de 'bekken'  van 'slangen'. Het water had niet de magie van Pura Tirtha Emput, want er waren vrijwel geen Balinezen. Daarentegen wel hoofdzakelijk toeristen.

Om een uur of drie waren we weer terug bij ons hotel en hebben we de rest van de middag geluierd aan het zwembad en bij het strand. Genoten van een prachtige zonsondergang. 's Avonds gegeten in een restaurant aan het strand, waar ons geduld danig op de proef werd gesteld. De band bracht wel lekkere muziek ten gehore, zodat het lange wachten op ons eten enigszins werd gecompenseerd. Larissa is daarna nog even met Geertje en Amanda op stap geweest in Lovina. Terug bij het hotel weer even genoten van de rustgevende, kabbelende golven vanaf de ligbanken.

 

Zaterdag 4 augustus

Om tien uur werden we met de taxi naar onze volgende bestemming gereden: hotel Adi Asri in Permuteran.  Daar kwamen we omstreeks half twaalf aan. De hele middag hadden we tot onze beschikking voor luieren/lezen/slapen op de ligbanken aan het strand of een duik in de zee of zwembad. 's Avonds een buffetdiner aan het zwembad met optredens van Balinese danseressen die ons wisten te vermaken met hun sierlijke (hand)bewegingen. 

 

Zondag 5 augustus

Om kwart over negen meldden Larissa en Wiebe zich bij de duikschool tegenover het hotel voor het aanmeten van de duikattributen.  Sandra en Kyra kozen voor een relaxdagje met een massagebeurt op het hotel. Om omstreek kwart voor tien vertrokken W+L samen met nog vier anderen richting Labuhan Lalang. Vandaar gingen we per boot naar het eiland Menjangan. Onderwijl kregen we instructies over de do's en dont's van het duiken. Op de plaats van bestemming aangekomen gingen we één voor één, met volledige duikuitrusting, achterover te water. Alras hadden we de kneepjes door en konden we genieten van het prachtige onderwaterleven. We hadden een onderwatercamera gehuurd waarmee we de mooie beelden konden vastleggen voor het thuisfront. De eerste duik duurde ongeveer drie kwartier.  Aan boord werd de lunch genuttigd. Na een uur stonden we alweer te popelen voor de tweede duik. Toen bleek onze camera zoek te zijn. Larissa wist zeker dat ze de camera  bij het aan  boord klimmen na de eerste duik, in de boot had neergelegd. Maar waar ze ook zochten, geen camera. Dat was jammer, want de tweede duik was nog mooier dan de eerste, vooral ook omdat we dieper gingen, tot zo'n 9 m. Een prachtig schouwspel van kleurrijke vissen en koralen. Ook Nemo hebben we weer gesignaleerd. Veel te snel was de tweede duik teneinde en vertrokken we weer richting 'haven'. 

 

Maandag 6 augustus

Pas om negen uur aan het ontbijt en om tien uur werden we opgehaald door dezelfde chauffeur als twee dagen geleden, Ketut, voor de volgende bestemming, Munduk. Hij bood ons voor hetzelfde geld aan om een omweg te maken. De omweg bracht ons naar de haven van Singaraja. Oude Hollandse glorie waar overigens geen havenactiviteiten meer waren, maar wel restaurants op het water en een standbeeld dat verwees naar de strijd van de Balinezen  tegen de Nederlanders na de tweede wereldoorlog. Vervolgens hebben we  een bezoek gebracht aan de Gitgit waterval. Van grote hoogte stortte het water neer. Weer vele souvernirkraampjes waar we nog een grote cicak en Larissa een traditionele blouse hebben gekocht. Na een slingerende route door bergachtig/vulkaanachtig gebied kwamen we omstreeks drie uur aan op onze bestemming Munduk Sari Nature Villas. Overigens was het jammer dat het mistig was, zodat we niet zoveel van het fraaie landschap, waaronder twee vulkaanmeren, konden zien. S+K hadden geen behoefte meer om te gaan wandelen, L+W gingen er nog wel op uit voor bezoek aan de nabijgelegen watervallen. De wandeltocht was meer dan de moeite waard, alleen duurde de terugweg langs een andere route vanwege de onduidelijke routebeschrijving, wat langer. Al vragend bracht een jongetje ons uiteindelijk op het goede pad. Ongeveer half zes waren we weer terug bij de villa. 's Avonds in het pikkedonker langs de weg gelopen naar het restaurant dat behoort bij Munduk Sari en aldaar gegeten.

 

Dinsdag 7 augustus

Om acht uur aan het ontbijt en om negen uur stonden we klaar voor een stevige wandeling met gids. Gelukkig was het helder weer, zodat we konden genieten van het prachtige uitzicht. We liepen door de plantages met kruidnagelbomen en vele andere bomen en gewassen (nootmuskaat, vanille, etc.). Het meest fascinerende was de wandeltocht door de sawa's. We genoten van het prachtige sawalandschap en het geluid van het stromende water langs de rijstveldjes. De bestemming was een grote, zes eeuwen oude boom, die we vanuit Munduk konden zien. Om daar te komen moesten we een behoorlijke afstand omhoog lopen, veelal met pittige steile hellingen. Voor Sandra was het allemaal wat teveel, maar ze heeft het wel gehaald. Om een uur of twaalf kwamen we bij de boom aan en konden we even uitrusten. De terugweg voer langs een klein bergmeertje, waar L+K+W nog even hebben gezwommen. Heerlijke afkoeling. Sandra hield het bij pootje baden. Vervolgens weer door de rijstvelden en het laatste stuk moest er weer geklommen worden. Sandra 'liep' op haar laatste krachten en meerdere keren moesten we even wachten om haar op krachten te laten komen. Vermoeid (voor Sandra meer dood dan levend) maar voldaan kwamen we om kwart over twee weer aan bij Munduk Sari. De rest van de middag relaxend in bed/in bad/op de veranda met schommelstoel doorgebracht.  's Avonds in een nabijgelegen restaurant gegeten.

 

Woensdag 8 augustus

Wederom om acht uur ontbijt en om negen uur werden we afgehaald door onze chauffeur voor de laatste bestemming van onze reis, het Puri Saron hotel in Seminyak. De lucht was helder zodat we onderweg mooie foto’s konden nemen van de beide vulkaanmeren Danau Tamblingan en Danau Buyan. Vervolgens hebben we de tempel Pura Ulun Danau Bratan bezocht. Deze tempel staat in het water. De chauffeur stelde voor om naar het schildpaddeneiland bij Nusa Dua te gaan, in plaats van een tocht langs de rijstvelden. Aangezien we al veel prachtige sawa’s hadden gezien gingen we op dit voorstel in. Daar hebben we geen spijt van gehad. We werden met een boot met doorzichtige bodem, zodat we ook nog konden genieten van de koralen en koraalvissen, naar het eiland gebracht. Daar worden schildpadden opgekweekt voor terugkeer naar zee. Enkele exemplaren waren fors geschapen. Met z’n allen op de foto gezet met enkele grote schildpadden, voor op de schoorsteenmantel. L+W lieten zich nog omhelzen door een slang. Op het eiland geluncht en daarna gingen we weer met de boot terug. Hoogste tijd om naar het hotel af te reizen, waar we omstreeks vier uur aankwamen. Nadat we enigszins ingeruimd waren en een welkomstdrankje bij het zwembad hadden genuttigd, zijn we via het strand richting Kuta gelopen. Vergeleken met 22 jaar geleden was het veel drukker en Wiebe had er al snel genoeg van. Op de terugweg gedineerd en daarna terug naar het hotel.

 

Donderdag 9 augustus

De laatste paar dagen van de vakantie hebben we alle tijd, zodat we  pas om negen uur ontbeten. Kyra was tot nu toe gespaard gebleven van maag- en darmstoornissen, maar tot enige genoegdoening van de anderen had zij nu ook last van de darmen. Na het ontbijt splitsten onze wegen zich. S+L+K gingen winkelen in Kuta, W ging een lange strandwandeling maken, in noordelijke richting, weg van de drukte. Het geluid van de hoge en brekende golven overheerste de strandwandeling. Omstreeks vier uur waren we weer herenigd in het hotel, allemaal met een tevreden gevoel. De dames hadden zonder gezeur van een ongeduldige vent kunnen winkelen en de vent had een lange wandeltocht kunnen maken zonder gezeur van één dame in het bijzonder. Alleen Larissa was achtergebleven in Kuta, want zij had met Ellen en Geertje afgesproken om die avond te gaan feesten in Kuta. Met z’n drieën gedineerd in een nabijgelegen restaurant. Larissa kwam in de kleine uurtjes weer terug in het hotel.

 

Vrijdag 10 augustus

Negen uur aan het ontbijt en daarna zijn we met z’n drieën (S+W+L) via het strand richting Legian/ Kuta gelopen. In Legian enkele souvenirs gekocht en daarna weer terug gelopen naar het hotel, waar Kyra al die tijd was gebleven. Om vier uur werden we opgehaald voor een bezoek aan de tempel Tanah Lot. Deze tempel staat op een groot rotsblok in zee en kan alleen bij eb per voet worden bereikt. Heel veel toeristen daar. En daarna was het, met vele anderen, wachten op de zonsondergang die omstreeks kwart over zes plaatsvond. Veel mooie foto’s gemaakt van de zonsondergang met de tempel op de achtergrond. Vervolgens hebben we daar gegeten in de buitenlucht met uitzicht op de branding. Het diner was een mooi moment om even terug te blikken op de vakantie. De hoogte- en dieptepunten van de vakantie werden doorgenomen. Voor L+W was de duiktocht met de perikelen daarna zowel het hoogte- als dieptepunt. S kon hét hoogtepunt niet  benoemen, maar wel hét dieptepunt: de wandeltocht. K kon geen keuze maken. Na het eten werden we door een jeugdkoor uit Oost Borneo nog getrakteerd op een spontaan zangoptreden. Een meisje uit het koor vertelde ons dat zij twee eerste prijzen hadden gewonnen bij één of ander zangconcours. Luidkeels en veel vertellend bracht chauffeur Ketut ons weer terug naar het hotel. Daarna hebben we nog een ijsje en een cocktail gedronken in een zitzak op het strand. Genietend van de laatste momenten op Bali.

 

Zaterdag 11 augustus

De laatste dag was aangebroken. Om negen uur aan het ontbijt en daarna onze tassen/koffers ingepakt. Om twaalf uur uitgecheckt en daarna op de ligbanken bij het zwembad gelegen met uitzicht op zee. Wiebe ging nog een laatste wandeling maken en om een uur of half vier gingen we lunchen in een restaurant op het strand. De allerlaatste ogenblikken waarop we konden genieten van de branding en het strandleven van Seminyak. Bij terugkeer bij het hotel bleek Wiebe zijn mobiel kwijt te zijn. Op geen van de plekken waar we sinds het eind van W’s wandeling waren geweest, was er een mobiel gevonden. De mobiel bleef zoek. Op de valreep van de vakantie toch nog een tweede domper.

Om vijf uur werden we van het hotel opgepikt en naar het vliegveld gebracht. We waren ruimschoots op tijd, maar hebben gewacht op Geertje die met dezelfde vlucht zou terugvliegen naar Nederland. Om half zeven kwam ze aan met haar Indonesische vriendje en gingen we inchecken. Voor Geertje betekende dat een emotioneel afscheid van haar vriendje. Wanneer zullen ze elkaar weer zien? Op de luchthaven hebben we de laatste Rupia’s er doorheen gejaagd (dat is Sandra wel toevertrouwd) Met drie kwartier vertraging kozen we omstreeks kwart over negen het luchtruim.

 

Zaterdag 12 augustus

Om kwart over zeven landden we op Schiphol en om negen uur werden we, moe maar voldaan, door de taxi weer op ons thuishonk afgeleverd.  Einde van een fantastische vakantie.

Om deze website optimaal te laten functioneren gebruiken wij cookies. Voor meer informatie zie ons cookiebeleid.