Algemene informatie over Indonesie

 

De Indonesiërs
Mentaliteit, gewoonten en gebruiken
Taal
Eten
Geografie en natuur
Geschiedenis
Geloof

 

 


De Indonesiërs

Er leven tegen de 200 miljoen mensen in het enorme eilandenrijk en telt daarmee de op drie na de grootste bevolking van de wereld. De meeste mensen wonen op Java; hoewel het eiland niet eens zo groot is, telt het ongeveer 55 % van het totaal aantal inwoners. Door middel van het transmigratiebeleid (Javanen grond geven op dunbevolkte eilanden) wil men de bevolking meer spreiden. Het betekent echter, dat Javanen hun stempel drukken op de cultuur van de andere bevolkingsgroepen, hetgeen soms tot spanningen kan leiden. Transmigratie neemt plaats naar Zuid-Sumatra, Sulawesi, Kalimantan en Irian-Jaya.

 

Het hart en ziel van Indonesië is het dorp. Zo'n 80 % leeft nog steeds in landbouwgemeenschappen. De dorpsraad van ouderen is de basis van de Indonesische samenleving en dorps- en familieloyaliteit komt voor al het andere. De uitgebreide familie is een ingewikkelde structuur die verbintenissen en vriendschappen maakt, mensen gelukkig houdt en een goede omgeving biedt voor kinderen en ouderen. Een familie kan bestaan uit grootouders, kleinkinderen, verwanten van vader en moeder, nichten en neven; en allemaal vaak onder één dak. Een volwassen kind dat buitenshuis werkt, draagt zijn loon af aan de familie en er wordt verwacht dat hij meehelpt in de kosten van jongere broertjes en zusjes.

 

 

 

 

De mensen worden geleid door de adat, een gewoonterecht, een ongeschreven, onuitgesproken traditionele dorpswet. De adat regeert de daden en het gedrag van iedere persoon in ieder dorp en elke stad in het land. Adat is bijzonder nuttig in tijden van economische of politieke instabiliteit.

 

Er zijn vele verschillende bevolkingsgroepen, ook vaak qua uiterlijk onderscheidend. Er zijn zo'n 300 etnische groeperingen. De Chinezen vormen een aparte groep. Zij zijn Indonesisch belangrijkste etnische minderheid en grootste 'buitenlandse' groep. Chinese handelaren kwamen vanaf ongeveer de 10de eeuw binnen en vestigde zich in eerste instantie aan de noordkust van Java. De Chinezen zijn op economisch gebied een invloedrijke groep; ze zijn bedreven in het zakendoen. Er heerst wrok tegen de Chinezen, hetgeen spanningen oproept.

 

Mentaliteit, gewoonten en gebruiken

De Indonesiërs vinden beleefd gedrag, goede manieren en tradities bijzonder belangrijk. De mensen zijn hartelijk, gemaakte fouten worden weggelachen. Boze toeristen zijn om te lachen. Als men een antwoord op een vraag niet weet, wordt er vaak toch een antwoord gegeven. Het lijkt of de mensen onbezorgd zijn, maar schijn bedriegt. De harmonie vormt de kern van het bestaan en men zal altijd proberen de balans in hun leven te handhaven. Het gemeenschappelijke gaat boven alles, daarvan is men namelijk afhankelijk in tijden van nood. De familie is het belangrijkst.

 

Gezichtsverlies is voor een Aziaat het ergste dat hem of haar kan overkomen. Goede manieren, bijvoorbeeld niet te luidruchtig zijn en netjes gekleed gaan zijn van groot belang.

 

Een belangrijke beleefdheidsvorm is het aangeven en aanpakken van iets met de rechterhand. De linkerhand is de onreine hand (wordt gebruikt bij toiletgang). Het hoofd is het belangrijkste (heilige) deel van het lichaam, het mag niet ongevraagd aangeraakt worden. Een kind een aai over zijn bolletje geven wordt niet gewaardeerd, al zult u dat niet altijd merken. Geduld is een schone zaak, met name in Indonesië, ongeduldig zijn is ongepast. Efficiëntie is vaak ver te zoeken en moet er vaak wat langer gewacht worden in bijvoorbeeld een bankgebouw dan u nodig zou achten.

 

 

 

 

Afdingen of tawarren: onderhandelen is in Indonesië een tijdrovende bezigheid. De verkoper noemt de prijs; deze ligt veelal ver boven de werkelijke prijs. U doet een bod, lager dan wat u in gedachten heeft. U komt elkaar wel ergens in het midden tegen. U betaalt overigens toch meer dan de lokale bevolking, maar ach… u kunt het missen. Het is voor u een goede manier om met de lokale bevolking in contact te komen. Veelal zal het bieden middels een rekenmachientje plaatsvinden, wel zo handig. Heel belangrijk: voor u is het een spel, voor de verkoper niet (al lijkt dat in uw ogen zo). Als u een bod gedaan heeft en de verkoper gaat ermee akkoord, dan moet u het ook echt kopen. Het is beledigend om dan alsnog weg te lopen, dat kan echt niet.

 

Onderhandelt u ook (van te voren) als u bijvoorbeeld een ritje met een becak (fietstaxi) wilt maken. Niet zuinig doen: één Nederlander in een becak, wij zijn in de regel zwaarder dan Indonesiërs. In warenhuizen en sommige winkels (men geeft dat dan aan) kunt u niet afdingen.

 

 

Taal

De verscheidenheid aan etnische groeperingen heeft ook tot gevolg dat er een groot aantal talen bestaat, zo'n 200 inheemse talen met elk weer zijn regionale dialecten. Het Bahasa (= taal) Indonesia wordt op alle scholen onderwezen aan alle leerlingen vanaf vijf jaar. Het bindt de bevolking in belangrijke mate.

 

De bevolking stelt het zeer op prijs als u een paar woorden Indonesisch spreekt. Maar u zult merken dat u met Engels ook goed uit de voeten kunt. Op scholen wordt Engels onderwezen en men wil graag even oefenen met u. Een woordenboekje raden we aan tijdens uw reis.

 

 

 

 

Lichaamstaal: armen over je borst kruisen of met je handen op je heupen staan onder het praten worden vooral bij oudere mensen als beledigend ervaren. Woede wordt niet openlijk getoond. Luide stemmen zijn in het bijzonder aanstootgevend. De voeten worden beschouwd als het laagste deel van het lichaam en het is, vooral op Java, beledigend om met je voetzolen naar mensen wijzend te zitten. Iemand wenken met een gebogen wijsvinger is ook onbeschaafd. Als je iemand moet roepen (passerende becakrijder bijvoorbeeld), steek dan je rechterhand op en maak een beweging met omlaag gerichte gebogen vingers. Ook niet wijzen met je wijsvinger, maar gebruik in plaats daarvan je duim om te wijzen. De linkerhand wordt als onrein beschouwd, niet gebruiken dus.

 

Eten

Indonesië heeft één van de grootste culinaire tradities van de wereld, ontleent aan invloeden uit de hele wereld. Buitenlandse kookkunst is subtiel herkenbaar in de Indonesische keuken, toch zijn alle vreemde ingrediënten creatief opgenomen in de eigen keukengeheimen van de eilanden. Doordat het land op het kruispunt ligt van belangrijke handelsroutes tussen het Midden-Oosten en Azië, kwam Indonesië in aanraking met vele uitheemse eetwijzen en kruiden.

 

Uit India kwamen onder andere de curries, komkommer en bonen. Uit Amerika de chili, peper, vanille, zuurzak en ananas. De Chinezen brachten de wok en roerbakken, maar ook mosterd en groenten als kool. Uit Arabië de gastronomische technieken als kebab en geitestoofpotten. Pinda's, avocado, tomaat, pompoen, cacao en sojabonen werden door de Europeanen geïntroduceerd. Indonesië heeft een culinarie traditie daardoor gekregen, die even gevarieerd en gekruid is als zijn duizenden eilanden en etnische groeperingen.

 

 

 

 

Indonesië heeft de wereld het gebruik van exotische specerijen en kruiden geleerd. De simpelste warung (rijdend eetstalletje) kan de heerlijkste gerechten maken.
Uiteraard is zeebanket belangrijk en in vele variëteiten. Tonijn, garnalen, kreeft, krab, ansjovis, karper, zeeslakken, noem maar op. Vooral in Makassar, Sulawesi, is men zeer bedreven in het bereiden van de vissoorten.

 

De nationale gerechten zijn gebakken rijst (nasi goreng) en gebakken noedels (mie goreng), gebakken in kokosolie met eieren, vlees, tomaat, komkommer, specerijen en pepers. Iedere verkoper of restaurant dient het gerecht op met een speciaal regionaal of etnisch tintje. En natuurlijk saté: kleine stukjes gemarineerde kip, rundvlees, garnalen of varkensvlees op houtskool gegrild en overgoten met een hete pindasaus.
Rijsttafel: een erfenis van de Nederlanders. In de koloniale tijd kon een ceremoniële rijsttafel soms wel uit honderden gerechten bestaan. Tegenwoordig is 10-15 gerechten de norm.

 

De Indonesiërs identificeren zich nauw met hun regionale voedsel en vinden het erg prettig als u het probeert. Eten kan het ijs makkelijk breken en wordt vaak gebruikt als voorwendsel om u thuis uit te nodigen. De Padangkeuken treft u in heel Indonesië aan en het voedsel wordt behoorlijk pedis (heet) bereid.
Vegetariërs kunnen goed uit de voeten. Zo is er het populaire gerecht gado-gado, een groentesalade van aardappelen en groenten, overgoten met een krachtige pindasaus. Ook tofu wordt overal bereid en op vele verschillende manieren.

 

 

Geografie en natuur

Indonesië is verbazend rijk aan dieren- en plantenleven. Niet alleen heeft deze verspreide eilandennatie een indrukwekkende hoeveelheid, maar ook een indrukwekkende verscheidenheid aan soorten dieren en planten. Het enorme land overspant twee biogeografische zones: de Oriëntaalse en de Australische. En met landvormen, die lopen van mangrovemoerassen tot gletsjers. Het is ongetwijfeld het meest gedifferentieerde natuurlijke gebied met in het wild levende diersoorten op aarde. Om een indruk te krijgen: bezoekt u de grootste en beste dierentuin van het land: de Ragunan Dierentuin in Jakarta, met meer dan 4000 dieren en vogels, waaronder witte tijgers, Java-rino's en varanen.

 

 

 

 

Er zijn in het hele land zo'n 150 door de staat gerunde natuurreservaten. Het grootste reservaat van Indonesië is het Leuser Natuur Reservaat op Noord-Sumatra, zo'n 900.000 hectare groot. Een ander opmerkelijk natuurreservaat is het Wasur National Park in Irian-Jaya, met een grote verscheidenheid aan grote vogels en zoogdieren.

 

Op Sumatra groeit 's werelds grootste bloem, de Rafflesia. Deze kan een doorsnee hebben van ruim een meter. De insectenetende plant heeft de geur van rottend dierlijk vlees, teneinde insecten te lokken.
Op Borneo (Kalimantan) groeit de enige zwarte orchidee van de wereld.

 

 

Geschiedenis

Java was een van de vroegste woonplaatsen van de mens. Op Midden-Java is de fossiele schedel van de Javamens ontdekt. Vanaf ongeveer 40.000 jaar geleden kwamen vroege australiden Nieuw-Guinea en de Kleine Sunda-eilanden binnen. Andere groepen kwamen 30.000 jaar geleden vanuit zuidelijk China de archipel binnen. Indiase missionarissen brachten het boeddhisme naar Indonesië en het Mahajana boeddhisme ontwikkelde zich. Het Indonesisch-Indiase tijdperk bereikte het hoogtepunt in het 14de eeuwse Oost-Javaanse Majapahit Rijk, dat beschouwd wordt als de Gouden Eeuw van Indonesië.

 

In de 4de eeuw begonnen Arabieren naar Indonesië te komen; ze dreven handel tussen de grote beschavingen van het Middellandse Zee-gebied, India, zuidoost-Azië en China. De islam sloeg aan en kreeg vaste voet in die gebieden van Indonesië, die het minst beïnvloed waren door de hindoeïstische beschavingen. De Portugezen waren de eerste Europeanen in Indonesië, zij kwamen hier vanaf omstreeks 1512. Vroeg in de 17de eeuw waren de Engelsen de directe rivalen van de Nederlanders in de exploitatie van Oost-Indië. De twee zeemachten hadden zelfs posten naast elkaar in Banten, Makassar, Jakarta en Ambon. In 1816 werd uit politieke overwegingen 'Indië' aan de Hollanders overgedaan.

 

 

 

 

De Nederlanders begonnen in het begin van de 16de eeuw hun betrokkenheid als handelaars; zij kwamen in 1596 het eerst binnen bij Banten (West-Java) met slechts vier schepen. Toen deze veilig in Holland terugkwamen met hun waardevolle lading specerijen, was wilde speculatie het gevolg. Twaalf expedities volgden. Er werden steunpunten gevestigd en de macht werd verstevigd. De VOC was inmiddels geboren, de eerste multinational ter wereld. De Hollanders bleven de overheersers tot de Tweede Wereldoorlog, toen de Japanners het eilandenrijk binnenvielen. In 1945 riepen Sukarno en Hatta de onafhankelijkheid uit.
Politionele acties volgden. In 1948 erkende Nederland de onafhankelijkheid. Eind jaren vijftig kwam ook het laatste stukje Nederlands-Indië bij Indonesië: Irian-Jaya.

 

 

Geloof

Het land heeft in de loop der eeuwen alle grote religies over zich heen gekregen. Indonesië heeft ze allemaal opgenomen. Het moslimgeloof is het wijdst verspreid. Het land heeft de grootste bevolking van moslims ter wereld. De beleving ervan is heel gematigd (men maakt zich niet zo druk).

 

Verder zijn er christenen, zoals de Bataks (Tobameer, Noord-Sumatra), Toraja's (Sulawesi) en de bewoners van Flores.

 

Op Bali is men hindoeïstisch, maar op een speciale wijze, typisch Balinees en lijkt niet veel op de oorspronkelijke geloofsbeleving zoals in India. Ook boeddhisten hebben een plek gevonden in het land, zoals bijvoorbeeld op Oost-Java en Noord-Bali.

 

 

Reisverhalen

Indonesië

Lees hier de reisverhalen van reizigers die u reeds voor gingen.